Als jarenlange volger van de lokale politiek in Stichtse Vecht, ben ik vaak minstens zo geïnteresseerd in de mensen achter de raadszetels als in de politieke standpunten zelf. Wat drijft iemand om raadslid te worden? Waar komt die motivatie vandaan? En wat zegt een eerste optreden over het karakter van iemand die de komende jaren namens inwoners besluiten gaat nemen?
Een maidenspeech, de eerste officiële bijdrage van een nieuw raadslid, is daarvoor vaak veelzeggend. Niet omdat daarmee meteen alles vastligt, maar omdat in zo’n eerste toespraak vaak zichtbaar wordt welke waarden iemand meebrengt. En dus luisterde ik afgelopen dinsdag met een ‘extra oor’ geïnteresseerd naar de speech van D66-raadslid Sascha Brasz.
Daar staat ze dan voor de eerste keer. Aangekeken door tal van gemeenteraadsleden, collegeleden, mensen op de publieke tribune en kijkers thuis. Op 7 juli 2026 houdt D66-raadslid Sascha Brasz haar maidenspeech. Aanleiding is een amendement (aanpassing op een beleidsstuk) over het vervangen van het woord ‘handicap’ door ‘beperking’ in een gemeentelijke verordening. Op papier lijkt dat misschien een eenvoudige taalkundige wijziging. Bij Brasz wordt het al snel meer dan dat.
Wie tussen de zinnen door luistert, hoort een raadslid dat zorgvuldig weegt, woorden serieus neemt en politiek niet alleen ziet als het maken van regels, maar als een manier van samenleven. Haar achtergrond als jurist klinkt door wanneer zij uitlegt dat woorden in wettelijke bepalingen gevolgen kunnen hebben. Begrippen zijn niet altijd zomaar inwisselbaar. Eerst uitzoeken, dan oordelen. Dat zegt iets over haar precisie.
Maar de kern van haar verhaal ligt niet in de juridische techniek. Die ligt in haar motivatie. Brasz spreekt over inclusiviteit en gelijkwaardige deelname aan de maatschappij. Daarbij zegt ze dat het vaak juist de maatschappij is die beperkingen creëert voor mensen om volwaardig mee te kunnen doen. Daarmee verschuift ze het perspectief: niet alleen kijken naar wat iemand niet kan, maar vooral naar wat de omgeving mogelijk of onmogelijk maakt.
Opvallend is hoe ze haar overstap van jurist naar leerkracht verbindt aan haar politieke keuze. “We kunnen namelijk op papier met wetten en regels heel veel willen regelen,” zegt ze, maar uiteindelijk moeten mensen het “met elkaar waarmaken” in het dagelijks leven. Als leerkracht wilde zij kinderen niet alleen leren rekenen en lezen, maar ook leren samenleven.
Daar zit waarschijnlijk de politieke drive van Brasz. Ze lijkt een raadslid dat gelooft in dialoog, luisteren en vertrouwen in inwoners. Geen harde profileringspolitiek, maar zorgvuldig bouwen aan gemeenschapszin. Ze spreekt over buurten waar mensen naar elkaar omkijken, over vrijwilligerswerk met Oekraïense vluchtelingen en over samen de handen uit de mouwen steken in het wijkpark.
Haar karakter laat zich in deze eerste speech vrij duidelijk lezen: sociaal, precies, verbindend en idealistisch. Ze zoekt de confrontatie niet, maar laat wel helder zien waar haar grens en overtuiging liggen.
Aan het einde keert ze terug naar het amendement en naar de betekenis van taal. Ze vraagt iedereen stil te staan bij wat woorden voor een ander betekenen. “Niet omdat het moet, maar omdat het moedig is.”
Dat is misschien wel de kortste samenvatting van haar politieke vertrekpunt.
De gehele maidenspeech is hieronder te bekijken.
SV | Today is mijn persoonlijke etalage van lokale producties: kijken, luisteren en lezen met context. Niet het nieuws van vandaag, maar mijn lokale werk van nu. Daarnaast belicht ik hier lokale politieke thema’s en onderwerpen die mij als inwoner aan het hart gaan en die volgens mij extra aandacht verdienen. Sommige producties sluiten direct aan bij mijn werk als lokaal journalist, andere zijn volledig bepaald door de inhoudelijke keuzes van een opdrachtgever.


